Prejudiciële vraag 24/04109


Rechtsgebied
Civiel
Datum publicatie
7 november 2024
Verwijzende instantie
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba (CUR20204953 - CUR2022H00087)
Datum uitspraak
29 oktober 2024
Vindplaats uitspraak
ECLI:NL:OGHACMB:2024:233
Status
Schriftelijke opmerkingen

Wat is de rechtsbescherming waarop de bestuurder van een vennootschap aanspraak kan maken in het geval dat hij door de ontvanger aansprakelijk wordt gehouden voor een belastingschuld op grond van de daartoe strekkende wettelijke bepalingen

Vraag 1. Is juist, althans geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, de beslissing van het Hof dat in dit geval de bestuurder, niet zijnde de belastingplichtige, niet in verzet kan komen ingevolge artikel 4 van de Landsverordening dwanginvordering?
Vraag 2. Is juist, althans geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting, de beslissing van het Hof dat in dit geval de vennootschap niet in het geding moet worden opgeroepen?
Vraag 3. Vloeit uit artikel 1 van Protocol nr. 1 bij het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) dan wel uit enig ander hoger recht voort dat de bestuurder voor een rechter zijn aansprakelijkheid en de hoogte van de belasting- of premieschuld ten aanzien waarvan hij medeaansprakelijk is moet kunnen aanvechten?
Vraag 4. a. Heeft de bestuurder ten aanzien van de aansprakelijkheid een disculpatiemogelijkheid, ook als deze niet in de wet is neergelegd? b. Zo neen, indien de Arubaanse of Nederlandse fiscale pendanten
(inmiddels) wel voorzien in een disculpatiemogelijkheid, vermag het concordantiebeginsel, indien toepasselijk, het verschil te verhelpen
Vraag 5. a. Wordt de bestuurder, bij het aanvechten van de hoogte van de belasting- of premieschuld, onder omstandigheden beperkt in zijn verweren door wat de belastingplichtige vennootschap al dan niet heeft ondernomen? b. Speelt het verkrijgen van formele rechtskracht van de aanslag een rol? c. Speelt de mogelijkheid voor de bestuurder een verzoek om ambtshalve vermindering te doen een rol?
Vraag 6. Kan de bestuurder zich wenden tot de belastingrechter? 14
Vraag 7. Moet ervan worden uitgegaan dat de bestuurder, bij ontbreken van een rechtsgang naar de belastingrechter, zich in alle geschillen over het bestaan en de omvang van zijn hoofdelijke aansprakelijkheid voor belasting- en premieschulden van de vennootschap kan wenden tot de bestuursrechter bedoeld in de Landsverordening administratieve rechtspraak (LAR) (de algemene bestuursrechter)?
Vraag 8. Komt de civiele rechter in zicht als restrechter?
Vraag 9. Moet, als er een rechtsgang is naar de belastingrechter of LAR